-
Easily learn verb conjugations with Coniuno
Easily learn verb conjugations with Coniuno
Conjugate verbs with Coniuno
Conjugate verbs in German, Dutch, English, French, Italian, Spanish, Portuguese, and Latin
Conjugate verbs in German, Dutch, English, French, Italian, Spanish, Portuguese, and Latin
-

  Coniuno, Verb Table Dutch

  General Information
  Regular verbs
  Verb-irregularities
  Irregular verbs
  Appendix
59
-
strong verb "hangen"

Irregular verbs, overview


Strong verb:
strong verb: hangen, hing, gehangen
Conjugation:
-
Irregular:
-
Particularities:
-
Indicatief

OTT / Present
ik hang
jij hangt
hij hangt
wij hangen
jullie hangen
zij hangen
OVT / Past
ik hing
jij hing
hij hing
wij hingen
jullie hingen
zij hingen
OTTT / Future I
ik zal hangen
jij zult hangen
hij zal hangen
wij zullen hangen
jullie zullen hangen
zij zullen hangen
VTT / Present Perfect
ik heb gehangen
jij hebt gehangen
hij heeft gehangen
wij hebben gehangen
jullie hebben gehangen
zij hebben gehangen
VVT / Past Perfect
ik had gehangen
jij had gehangen
hij had gehangen
wij hadden gehangen
jullie hadden gehangen
zij hadden gehangen
VTTT / Future II
ik zal gehangen hebben
jij zult gehangen hebben
hij zal gehangen hebben
wij zullen gehangen hebben
jullie zullen gehangen hebben
zij zullen gehangen hebben
Conditionalis

OVTT / Conditional I
ik zou hangen
jij zou hangen
hij zou hangen
wij zouden hangen
jullie zouden hangen
zij zouden hangen
VVTT / Conditional II
ik zou gehangen hebben
jij zou gehangen hebben
hij zou gehangen hebben
wij zouden gehangen hebben
jullie zouden gehangen hebben
zij zouden gehangen hebben
Imperatief

hang / hangt u
Deelwoord / Participle

Onvoltooid / Present Participle
hangend
Voltooid / Past Participle
gehangen
Zelfstandig naamwoord

het hangen


Support:
Webmaster:
support@coniuno.com
webmaster@coniuno.com
Copyright © Helmut Bischoff 2005-2018. All rights reserved
 
Copyright H.Bischoff 2005-2018. All rights reserved